Banen bij winterse omstandigheden

Er kan altijd op de banen gespeeld worden  behalve bij onderhoud, ijzel, dooi en sneeuw. Ook bij plassen op of rond de baan mag er niet gespeeld worden. Altijd beoordelen of het spelen op de banen tot gevaar leidt voor de spelers (gladheid!). Onze banen 1 tm 8 zijn gravelbanen, baan 9 tm 14 zijn "all weather" banen. Zij bestaan uit een ondergrond van lava (net als bij een gravelbaan voor de afwatering) met daarop een mat met vezels en "infill". Infill is speciaal keramisch roodzand dat er onder andere voor zorgt dat de slijtage van de mat beperkt wordt. Dat betekent ook dat er regelmatig infill bij gestrooid moet worden en dat deze banen ook gesleept moeten worden, net als de gravelbanen, om te zorgen dat de infill gelijk verdeeld blijft over de baan. Er liggen speciale sleepnetten voor roodzand met kleine mazen bij deze banen.

Kale of droge vorst

Bij kale of droge vorst kan er op de gravel- en “all weatherbanen” gespeeld worden. Een bevroren tennisbaan kan iets harder aanvoelen, maar spelen is geen probleem.

Rijp

Rijp is witte aanslag die wordt veroorzaakt door het neerslaan en bevriezen van waterdamp in de lucht. Voor de “all weather” banen is rijp technisch gezien geen probleem, de vezel zal niet afbreken door de aanwezigheid van een dun ijslaagje. Er zal goed beoordeeld moeten worden of de baan glad is (zeker bij hardnekkige of ruwe rijp).

IJzel

IJzel is regen die bevriest zodra die in aanraking komt met een bevroren oppervlak. Er vormt zich dan een ijslaag waardoor het oppervlak glad wordt. Een beijzelde tennisbaan kan niet bespeeld worden, dit is schadelijk voor de baan en het gevaarlijk om te spelen.

Sneeuw

Op een besneeuwde gravel kan niet gespeeld worden. Ook op een “all weather” baan kan niet gespeeld worden: de sneeuw wordt in de mat getrapt. Er vormt zich dan snel een ijslaagje. De sneeuw mag niet weggeschoven worden: dat kan de mat (toplaag) beschadigen en heeft een ongelijke verdeling van het infillmateriaal (zand) tot gevolg. 

 

Opdooi

Opdooi ontstaat wanneer na het intreden van de dooi het dooiwater niet weg kan door een bevroren en water-ondoorlatende ondergrond. Indien bij dooi water op de baan blijft staan duidt dat op een afgesloten ijslaag constructie. Bij spelen ontstaat schade, o.a. aan de fundering die lastig, en soms niet, te herstellen is: er mag niet gespeeld worden 

De gravelbanen worden glad en papperig. Deze banen moeten na opdooi i.v.m. met de stabiliteit en de belijning, als ze weer droog zijn, gewalst worden. Zie ook gebruiksaanwijzing

·                   Bij de “all weather” banen is opdooi moeilijk te zien. Het gevaar is dat er weer te vroeg op gespeeld gaat worden. Via een balstuitproef kun je dit zelf wel testen, zie filmpje. Soms moeten ook de “all weather” banen na opdooi gewalsd worden. Zie ook gebruiksaanwijzing